Tekst en foto’s: Manou Maudgal
We zijn midden september en de zomer moet stilaan plaatsmaken voor de herfst. Voor vele natuurliefhebbers het favoriete seizoen, vanwege de mooie kleuren. En dat is niet anders in de bergen. Net voordat de berglandschappen bedekt worden met een wit deken, kan je hier vaak de mooiste landschappen bewonderen. Het ene plekje is natuurlijk al meer uniek dan het andere. Maar wie echt een stukje uniek bergland wil bewonderen, moet daarvoor in de Dolomieten zijn, gelegen in Zuid-Tirol in Italië. Zo uniek zelfs dat het door UNESCO werd uitgeroepen tot werelderfgoed.

Dwars door het hart van de Dolomieten kronkelt een wandelweg. Eentje van 61 km en 2356 hoogtemeters om precies te zijn: de Dolorama Trail! De naam is een samenraapsel van ‘Dolomieten’ en ‘panorama’. Het doet vermoeden naar vele mooie panorama’s met uitzicht op de Dolomieten.

De 61 km lange route hebben we opgedeeld in vier etappes. Onderweg slapen we in berghutten, of refugio’s.
Een lichte rugzak vervoert enkel onze essentiële spullen. Het heeft uitzonderlijk vroeg gesneeuwd de dagen voor onze reis. Wat warmere kledij dan gebruikelijk voor de tijd van het jaar is dus wel een must. Hoe dan ook is de juiste kledij noodzakelijk. Het weer kan immers plots omslaan in de bergen. Klaar om dat bijzonder stukje natuur te gaan ontdekken.
Geen versierde koeien
We starten ons hike-avontuur in Lüsen, niet zo ver van het stadje Brixen. Overnachten deden we in de Oberhauserhütte, dat als het ware aan de start ligt van de Dolorama Trail. We worden er opgepikt door Nils, onze gids voor de komende vier dagen. Een lolbroek, rasechte Italiaan en bovendien een gids met reeds heel wat kilometers op de wandelteller.


De eerste etappe is op sportief vlak meteen niet min. We zullen 21 kilometer en een duizendtal hoogtemeters moeten overwinnen. Veel tijd om op te warmen is er niet, want vanaf het startpunt zal het klimmen zijn, door glooiende alpenweides, naar de eerste top op 2200 meter hoogte.
De eerste kilometer komen we om de paar honderd meter opvallende sculpturen tegen. Elk sculptuur stelt een schepping voor zoals in het scheppingsverhaal wordt beschreven. Zo komen we er in totaal zeven tegen. Maar veel tijd om de indrukwekkende beeldhouwwerken te bewonderen hebben we niet. Er wacht ons immers nog een lange tocht vandaag.
De route neemt ons mee over hooggelegen alpenweides met prachtige vergezichten op de omgevende bergen. Het roept wat ‘Sissi-vibes’ op. Na een zestal kilometer komen we een berghut tegen met een zonovergoten terras en uitzicht op een kleine bergvallei. De perfecte setting om ons eerste middagmaal te bestellen. Wie Zuid-Tirol zegt, zegt automatisch ook culinaire verwennerij. En de toon wordt meteen gezet met een kaas- en vleesplank, samengesteld met topproducten uit de streek. Een andere gekende lekkernij uit de regio is Schüttelbrot, een heel plat en krokant brood met verschillende zaden. Zuid-Tirol kenmerkt zich eigenlijk door een unieke mix van alpien en mediterraan. En dat merk je ook aan het lekkere eten.

Na onze vroege middagstop is het tijd voor het echte werk. Van hieruit moeten we immers flink klimmen naar de eerste top. De paden worden wat smaller en steiler. Hoe hoger we komen, hoe meer we met onze voeten in de sneeuw lopen. Ook de weides liggen hier en daar al goed bedekt met sneeuw. De onverwachte en vroege winterprik heeft er bovendien voor gezorgd dat de boeren al het vee vroeger dan gebruikelijk hebben moeten verplaatsen naar de lagergelegen valleien. Dit gebeurt normaal voor de winter, in september of oktober, en gaat gepaard met een authentiek volksfeest: ‘Almabtrieb’. Het vee wordt versierd met bloemen, linten en bellen en wordt onder begeleiding van traditionele muzikanten naar de dalen geleid. Helaas dit jaar geen ‘Almabtrieb’. Daar hebben de weergoden anders over beslist.

De tweede helft van deze etappe is zeker het zwaarst. Na onze eerste top blijven we op hoogte. De trail gaat omhoog en omlaag langs bergflanken, en de laatste kilometers beginnen toch al wat te wegen. Gelukkig is er die prachtige omgeving die ruim voldoende energie geeft om het pad steeds verder te willen ontdekken.

Uiteindelijk komen we aan bij de Maurerberghütte, of Refugio Monte Muro, onze eerste slaapplaats. De hut ligt ver van de platgetreden paden, boven op een berg met een fenomenaal 360-graden panorama. Ergens midden in dat panorama ligt de ‘Sass de Putia’ of ‘Peitlerkofel’, de eerste iconische Dolomiet langs de trail. We worden nog getrakteerd op een magnifieke zonsondergang en maansopgang. Het is duidelijk… hier beleef je de natuur op z’n best.
De bocht om de Peitlerkofel
De wekker gaat de tweede dag vroeg af. Want wie de zon hier gisteren zag ondergaan, wil de zonsopgang voor geen geld van de wereld missen. Gewapend met camera en hoofdlamp stappen we in het halfdonker buiten. Het licht wanneer de eerste zonnestralen tevoorschijn komen is prachtig en het levert mooie beelden op. De dag kan al niet meer stuk, en het is nog zo vroeg!


Vandaag staat een tocht van 15 kilometer en 700 hoogtemeters op het menu. Ons eindpunt is de Schlüterhütte op 2300 meter hoogte. Maar voor het zover is, moeten we nog helemaal rond de Peitlerkofel hiken en een bergpas zien over te steken. Geen tijd om te treuzelen dus.

Na een lange afdaling door bergbossen komen we aan de voet van de Peitlerkofel. Van hieruit zal het nog een dikke 11 kilometer klimmen zijn. We wandelen tussen bossen van Alpendennen. Mogelijk heb je zonder het te beseffen er zelf eentje in huis. De Alpendennen die hier groeien produceren zeer kwalitatief hout. Dit hout wordt vaak gebruikt om high-end meubels van te maken. Dus wie weet leg je elke avond je voeten op een stukje Zuid-Tirol.

De Passo Göma laat onze hartslag de hoogte ingaan. Maar eenmaal boven worden we alweer beloond voor onze inspanningen. We krijgen een adembenemend uitzicht op de vallei, aan de andere kant van de Peitlerkofel. Maar één ding is zeker… we zijn er nog lang niet. Om aan de Schlüterhütte te raken, moeten we nog heel wat hoogtemeters bedwingen. Het weer begint ook wat om te slaan en er komt een koude wind opzetten. We krijgen onderweg wel supporters. Een familie bergmarmotten zit ons een tiental meter van de trail in de gaten te houden.

In de verte lonkt de Schlüterhütte. Van alle berghutten op de trail de meest basic hut, maar ook de meest charmante en authentieke. Ondertussen is het flink afgekoeld en giert de wind rondom de berghut. De hut is zo oud dat enkel de benedenverdieping met het restaurant kan worden verwarmd. De slaapverdiepingen zijn bijgevolg redelijk fris, zeker met de felle koude wind die buiten waait en door de kieren blaast. Oude houten bedden met dikke donzen dekens, krakende houten vloeren, kleine houten venstertjes met zicht op de bergen en een gezellig warm restaurantje met lekker eten… dat is eigenlijk hoe een berghut hoort te zijn.


Het hart van de Dolomieten
Vanaf hier gaat het de volgende dag bergaf. Nu ja, niet op vlak van natuurpracht, outdoorbeleving en goesting om de rest van de trail te ontdekken. Wel met de hoogtemeters. Etappe 3 is de eerste etappe waarbij we meer zullen dalen dan klimmen. Wat niet wil zeggen dat we niet nog steeds 660 hoogtemeters zullen moeten trotseren op 16 kilometer.

We zetten koers richting het Puez-Geisler/Puez-Odle Natuurpark met de befaamde Geisler/Odle. Na een lange afdaling komen we aan de voet van de Geisler/Odle en gaat onze Dolorama-route verder in de Adolf Munkel Trail. Deze trail kronkelt langs de voet van de Geisler/Odle over rotsachtige singletracks. Het leidt je langs wondermooie stukjes natuur, met de iconische Geisler Dolomiet steeds aan je linkerzijde. Onderweg maken we ook kennis met ‘de Notenkraker’: een vogel die op de top van de dennenbomen zit en een raar geluid maakt als hij zich bedreigd voelt.
Dit unieke stukje trail dankt zijn naam trouwens aan de oprichter van de Dresden Alpenclub (Dresden Alpenverein), die in de 19e eeuw werd opgericht door Adolf Munkel. Munkel is destijds een sleutelfiguur geweest in de democratisering en het toegankelijk maken van alpinisme. Voordien was alpinisme enkel weggelegd voor de elite, aristocraten en wetenschappers. De Alpenvereniging bestaat meer dan honderd jaar later nog steeds, en bepaalde trails worden zelfs wekelijks door hen onderhouden.

Na een tiental kilometer houden we halt bij de Refugio Malga Brogles voor een welverdiend middagmaal. Deze refuge wordt uitgebaat door een stevig uit de kluiten gewassen jonge Zuid-Tiroler. Omdat zijn hut zo afgelegen ligt, moet hij twee keer per jaar zijn vee begeleiden langs een aanzienlijk stuk van de Dolorama-route.
We zetten na ons middagmaal weer aan voor een korte pittige klim en laten ons verder verrassen door de prachtige vergezichten op de Dolomieten. Op een bepaald moment zien we op de bergflank tegenover ons een grote hartvormige open plek. Na een korte check bij onze gids blijkt dat dit een nog onbenoemd landschapskenmerk is in de Dolomieten. We besluiten dat daar dringend verandering in moet komen en dopen het ‘het hart van de Dolomieten’. Misschien weinig creatief, maar gezien we hier in het midden van de bergen staan, lijkt ons de benaming wel steek te houden.


Na alweer een dag vol adembenemende natuurbeleving komen we aan bij onze laatste slaapplek van de Dolorama Trail: de Raschötzhütte. In de winter loopt hier niet ver van de hut een skipiste. In de zomer word je hier getrakteerd op een fenomenaal uitzicht op de Dolomieten.



We maken er kennis met de uitbaters: een sympathiek koppel waarbij hij Italiaan is en zij een Duitse. Ooit wandelde ze zelf de Dolorama Trail en hield halt bij de Raschötzhütte, waar ze David leerde kennen, die toen de hut alleen uitbaatte. Eenmaal terug thuis bleef de ontmoeting nazinderen en keerde ze enkele weken later terug. Ze ging nooit meer weg. Dat dit allemaal op een steenworp van ons zelf verklaarde ‘hart van de Dolomieten’ moest gebeuren, kan geen toeval zijn. Het is voor ons uiteraard de bevestiging van onze goede naamkeuze. Dus singles opgelet: wie de Dolorama Trail wandelt, zal misschien langer weg zijn dan gepland.
De eindmeet
We nemen de volgende ochtend afscheid van alle romantiek en zetten koers richting Lajen, een klein gezellig Zuid-Tirools dorpje en bovendien de eindbestemming van ons Dolorama-avontuur. Deze vierde etappe is met een kleine 10 kilometer de kortste. Bovendien zal het met slechts 33 stijgende hoogtemeters en 1100 dalende hoogtemeters vooral afdalen worden.
We komen langs steilere, rotsachtige paden die redelijk moeizaam stappen. Dat doet terugdenken aan de jonge boer uit de Malga Brogles refuge, die met zijn kudde dit pad twee keer per jaar aflegt. Gezien we hier zelf toch wel wat moeite voor moeten doen, lijkt een kudde hier laten passeren haast een onmogelijke taak. Maar de Zuid-Tirolers zijn duidelijk wat meer gewend dan wij.


Na een drietal uur dalen komen we aan bij de eindmeet. Ondanks de fysieke vermoeidheid had deze trail gerust nog wat langer mogen duren. Vier dagen lang werden we getrakteerd op de mooiste vergezichten, iconische bergformaties, authentieke gerechten en Zuid-Tiroolse gastvrijheid. En via de Dolorama-route mochten we dit allemaal van zeer dichtbij beleven.
Maar Zuid-Tirol gaat nog een stapje verder. De regio draagt duurzaamheid hoog in het vaandel om ervoor te zorgen dat toekomstige generaties evenzeer van de Dolomieten kunnen genieten. Zo riepen ze een eigen duurzaamheidslabel in het leven dat bestemmingen en accommodaties in de regio moet stimuleren om de ecologische voetafdruk te verkleinen.

Praktisch
Wie al dat moois zelf wil komen ontdekken, kan dat via een rechtstreekse vlucht van Antwerp Airport (ANR) naar Bolzano Airport (BZO) met SkyAlps. Met de trein kan je rechtstreeks van Brussel of Antwerpen naar Bolzano met European Sleeper, of via München of Amsterdam met Nightjet.
De volledige Dolorama wandelroute kan je in verschillende etappes downloaden als GPX bestanden voor je GPS toestel: https://gpxadventures.com/nl/wandelroutes/
Wie het meeste uit z’n avontuur wil halen boekt best een gids:
Meer info over de Dolorama route kan je hier terugvinden:
- https://www.suedtirol.info/en/en/experiences-and-events/nature/dolomites/dolorama
- https://www.dolorama.it/nl

